In 1981 beschreef Steve Jobs de computer als een 'bicycle for the mind'. Hij verwees daarmee naar een artikel in Scientific American waarin de mens werd vergeleken met andere dieren: wij mensen blijken behoorlijk veel energie nodig te hebben om ons een kilometer te verplaatsen, de meeste andere dieren doen dat veel efficiënter. Maar als je een mens op een fiets zet, is het een heel ander verhaal. Ineens steken we er met kop en schouders bovenuit en zijn we twee keer zo efficiënt als de condor die tot dan toe de lijst aanvoerde.
Volgens Jobs doet een computer met onze denkkracht wat een fiets met onze spierkracht doet: het is een hefboom, een versnellingsbak waarmee we onze aangeboren mogelijkheden vermenigvuldigen. Maar als dat in 1981 al het geval was, hoe is dat dan anno nu? Is de opkomst van AI nu de ultieme booster voor onze denkkracht?
Hulpmotor
Opvallend genoeg is dat niet het dominante verhaal. Het lijkt wel of AI vooral wordt gezien als hulpmotor: je hoeft minder hard te trappen en je komt toch op je bestemming. Positief geformuleerd is dat een efficiëntieslag. Maar verder schiet je er weinig mee op: je komt op dezelfde plek aan. Technologie als vervanging van de mens. En dus ook als bedreiging. Want is het eigenlijk nog wel nodig om mee te trappen?
Die manier van denken leidt er bijvoorbeeld toe dat adviesbureaus aankondigen dat ze dankzij AI hun werknemers één dag per week vrij gaan geven. Door interviews en sessies te laten uitwerken door AI kan het werk kennelijk in 80% van de tijd worden gedaan.
Als klant bij zo'n bureau vraag je je wellicht af of je nog mee mag profiteren van deze ontwikkeling. Want als het werk zoveel sneller en goedkoper kan, waarom zouden de tarieven dan hetzelfde blijven?
Maar eigenlijk hoor je als klant liever hoe consultants dankzij AI meer ruimte hebben om te doen waar juist zij zo goed in zijn. Diepere inzichten ontwikkelen, rijkere adviezen geven, meer aandacht geven aan hun klanten.
AI als multiplier
Maar ook dan zijn we nog niet bij de metafoor van Jobs. Van echte vermenigvuldiging van denkkracht is pas sprake als AI je op het spoor zet van een nieuw idee, iets waar je op eigen kracht niet op was gekomen.
Kan dat dan? Jazeker, je kunt er zelfs een Nobelprijs mee winnen: de Nobelprijs voor scheikunde ging in 2024 naar een AI model. Maar de denkfout die vaak wordt gemaakt is dat AI het alleen moet doen. En dus wel heel erg slim moet zijn. Terwijl het juist gaat om de samenwerking, de interactie tussen mens en algoritme.
Misschien is de beperkende factor op dit moment niet de kracht van AI maar hoe mensen naar AI kijken. Als je vooral denkt in termen van tijdwinst, zullen de vragen die je stelt vooral daarop gericht zijn. En dan is dat ook wat je terugkrijgt.
Human Intelligence als vertrekpunt
Dat roept interessante vragen op: hoe kunnen we AI zo inzetten dat het de denkkracht en de slagkracht van mensen en organisaties vergroot? Moeten we niet vooral proberen onze 'human intelligence' optimaal te gebruiken? En hoe zorgen we dat AI dat mogelijk maakt?
Dat zijn precies de vragen die we bij Branddoctors graag met onze klanten bespreken. We zien de mens als de essentie van elke succesvolle strategie. En dus kijken we graag hoe AI die menselijke factor kan versterken.
Ben je benieuwd wat we op dit vlak voor jouw organisatie kunnen betekenen? Neem contact op en we plannen een kennismaking!
Arnd Jan Gulmans

