Utrechtse lunch, Amerikaanse Cloud

19 maart 2026

Waarom blijven we zo vanzelfsprekend en onbewust voor Amerikaanse IT-infrastructuur kiezen? Lees hieronder mijn artikel over IT-soevereiniteit en hoe dat te maken heeft met onze lunch.

Daniel Aukes

Soms hebben wij een mooie dag op kantoor en halen we broodjes bij Sandwich Stories. Hele lekkere broodjes van een echte Utrechtse onderneming, echt een tip. Het klinkt misschien een beetje vreemd, maar het voelt gewoon goed om voor een lokale ondernemer te kiezen en niet voor een grote, generieke keten. Maar als het gaat om onze digitale infrastructuur, de systemen waar ons werk, onze data en soms het hele businessmodel op draaien, hebben we ons (en zoveel andere organisaties en bedrijven) zonder veel discussie vastgeklonken aan misschien wel de meest generieke en grote leverancier op aarde, een kleine 8000 km verderop, in Seattle.

Die cloud is een stuk minder smakelijk dan de broodjes en toch zijn we verslaafd geraakt aan het gebruiksgemak en de functionaliteit, en overgeleverd aan de lock-in en de schaal van Amerikaanse techbedrijven. Hun producten zijn goed, super geïntegreerd en simpelweg de standaard geworden.

Maar alleen voor iets kiezen omdat het makkelijker is, zonder de consequenties van die keuze echt te overwegen, dat vind ik nou echt te makkelijk.

Enorme strategische afhankelijkheid

Recent kwam NS onder vuur bij de keuze voor een Amerikaanse cloudpartner boven KPN. De reactie van NS: ‘Het is gewoon een aanbesteding.’ Alsof de uitkomst van een aanbesteding een natuurwet is waar je geen invloed op hebt. Maar zoals critici (zoals IT-goeroe Bert Hubert) terecht opmerken: een aanbesteding is geen excuus om geen strategische keuzes te maken. Je kunt eisen stellen door geopolitieke afhankelijkheid zwaarder mee te laten wegen. Dat je dat niet doet is een bewuste keuze.

Het onderwerp van IT-soevereiniteit gaat niet over anti-Amerikanisme of dat Europese ondernemers moreel verhevener zouden zijn. Het verschil is veel eenvoudiger. Binnen Europa opereren we onder gedeelde wetgeving, gedeelde rechtsbescherming en uiteindelijk een gedeelde politieke ruimte. Dat maakt afhankelijkheden veel minder asymmetrisch dan afhankelijk zijn van een of andere weirdo in het Witte Huis.

Als je van een afstand kijkt is het gewoon zo vreemd dat we onze ogen sluiten voor deze strategische afhankelijkheid van kritische infrastructuur. Terwijl we elke dag zien hoe de democratie en het juridische stelsel in de VS kwetsbaarder en willekeuriger worden. Wanneer valt het kwartje dat we ergens in vast zitten en daardoor kwetsbaar zijn? Of blijven we stilletjes hopen dat het over een paar jaar weer 'normaal' wordt?

Verslaving aan gebruiksgemak

Waarom kiezen we bij digitale infrastructuur bijna altijd voor gemak, zelfs als we weten dat het ons zo afhankelijk maakt? De reden dat we blijven, is eenvoud. We noemen het efficiëntie, maar vaak is het gewoon gemak. Maar gemak is geen strategie. Wie kiest voor wat nu het beste werkt, kiest voor verdere afhankelijkheid. Data, processen en integraties nestelen zich steeds dieper in één ecosysteem. En hoe langer we wachten, hoe duurder het wordt om er weer uit te komen.

Geen technische vragen, maar strategische keuzes

Voor Microsoft, Google en AWS is volledige migratie op korte termijn natuurlijk niet realistisch. Alternatieven zijn niet overal even volwassen om maar een understatement te gebruiken. Maar de vraag is niet of het eenvoudig is. De vraag is of we het belangrijk genoeg vinden.

Als je verantwoordelijk bent voor IT of strategie, stel jezelf dan eens een paar simpele vragen:

  • Welke van onze kritische data valt onder niet-Europese wetgeving?
  • Waar kiezen we bewust voor een hyperscaler, en waar doen we het uit gemak?
  • Wat zou het ons kosten, in euro’s en moeite, om hier (deels) uit te stappen?
  • En vinden we die afhankelijkheid het waard?

Dit zijn geen technische vragen, maar strategische keuzes. Echte autonomie is geen kwestie van berekeningen, maar van weten waar je voor staat als bedrijf of organisatie, wat is nou echt belangrijk. Voor lunch vinden we het vanzelfsprekend, en voelt het ook prettig, om lokaal te kiezen. Maar voor digitale infrastructuur doen we alsof er niets te kiezen valt. Maar zolang we doen alsof er niets te kiezen valt, kiezen we alsnog. Voor verdere afhankelijkheid, voor minder wendbaarheid en voor een richting waar je als organisatie misschien helemaal niet bewust voor hebt gekozen.

Ik hoop dat IT-soevereniteit over 5 jaar een non-issue blijkt. Maar de kans is groot dat we er dan op terugkijken als een strategische misrekening.